zaterdag 23 maart 2013

Lammetjesdagen Ouderkerk aan den IJssel



Aanstaande vrijdag en zaterdag 29 en 30 maart worden op Kaasboerderij Hoogerwaard in Ouderkerk aan den Ijssel voor de zevende keer de Lammetjesdagen gehouden. Een bruisend evenement met verschillende activiteiten, workshops en standhouders. Klik hier voor tijd en plaats.

Ook Boekenstek hoopt aanwezig te zijn. En u weet het: Nu bestellen is met 10% korting afhalen op de Lammetjesdagen. Klik hier voor de voorwaarden.

zaterdag 9 maart 2013

Dagboek van Ludwig Hofacker

Ooit van Ludwig Hofacker gehoord? Hoogstwaarschijnlijk niet. Sinds afgelopen zaterdag hebben we een schitterend dagboek van hem in ons assortiment. Nagelnieuw! Er is geen enkele andere boekwinkel in Nederland die dit dagboek aan kan bieden. Alleen verkrijgbaar bij Boekenstek.

Wie was Ludwig Hofacker? En wat is het bijzondere aan dit dagboek?



Het dagboek van Ludwig Hofacker is voor het eerst in het Nederlands verschenen in 1871. Een tweede druk verscheen in 1880. De vertaling is van ds. A.C.J. van Maasdijk, Hervormd predikant te Katwijk aan Zee.

Het dagboek is jaren na het overlijden van Hofacker samengesteld uit zijn preken en nagelaten geschriften, zijn brieven en autobiografische aantekeningen.



Ludwig Hofacker is maar 30 jaar geworden. Hij is in 1798 geboren en in 1828 ongehuwd overleden. Tijdens zijn studententijd is hij tot God bekeerd. Hij preekte in plattelandsgemeenten in Württemberg. Maar ook in de hoofdstad Stuttgart. Hij preekte daar in de Leonhardskerk. Van buiten de stad stroomden de toehoorders van heinde en verre toe om hem te horen. Maar ook de inwoners van de stad kwamen in groten getale. De kerk kon de hoorders niet bevatten. De kerkdeuren werden open gezet en velen luisterden op de straat.

Door ziekten was Hofacker soms lange tijd niet in staat om te kunnen preken. Over zijn preken zei hij: “Ik preek wat ik zelf nodig heb: bekering en vergeving van zonden. Ik zou wel willen roepen dat men het van de zuidpool tot de noordpool zou kunnen horen dat de mensen God moeten vrezen en Hem eren, want ze zijn verblind door de tijdgeest en de God dezer wereld.”



Zijn laatste ziekte was zeer smartelijk. Hij kon toen eigenlijk alleen maar in zijn stoel zitten. Op zijn sterfdag zei hij:”Nu ga ik door het dal des doods.” Zijn laatste woorden die hij fluisterend sprak, waren: “Heiland, Heiland!”

Na zijn dood zijn bijna 100 preken van hem uitgegeven. In Duitsland zijn daarvan meer dan 50 drukken verschenen. Ze zijn zelfs nu nog nieuw te koop. Ze zijn in meer dan 5 talen vertaald, zelfs in het Russisch. Daar zijn ze verbreid onder Stundisten en Evangeliechristenen, die zo zwaar hebben moeten lijden onder het tsarenbewind en daarna onder de communistische terreur.



Dit dagboek is zeer aan te bevelen. Voor meer info over bestellen e.d. kunt u kijken op onze website.

woensdag 6 maart 2013

De dominee van Urk

Een tijdje geleden is er een schitterende levensbeschrijving uitgegeven over ds. Jacob Nentjes, de tweede Afgescheiden predikant op Urk: Brandend licht dat in de dienst verteerde. Deze levensbeschrijving is geschreven door ds. J. Brons, emeritus-predikant van de Christelijk Gereformeerde Kerken en woonachtig op Urk.

Het boek is vooralsnog alleen te verkrijgen bij de Urker boekhandels en bij Boekenstek.

Om een beeld te krijgen van wie ds. Nentjes was, volgt hieronder een artikel van dr. H. Florijn, verschenen in de Terdege van 7 maart 1985:


Ds. Jacob Nentjes (1818-1873) van 1846 tot 1859 en van 1862 tot 1873 predikant van de afgescheidenen op zijn geboortegrond Urk.

Ds. Jacob Nentjes, de dominee van Urk
"De dominee van Urk, die zou op Schokland preken. Maar door het razen van de zee, was hij zijn preek vergeten.'''' Aldus een kinderversje uit vroeger dagen. Zou dit ds. Jacob Nentjes (1818-1873), Afgescheiden predikant te Urk ook overkomen zijn? Het is niet zo waarschijnlijk. Niet alleen omdat hij nooit op Schokland voorging - er was daar geen Afgescheiden gemeente — maar ook omdat hij een geboren en getogen Urker was, die de zee kende. Daarbij had hij zijn preken niet uitsluitend in het hoofd: hij preekte uit het hart. En dat vond weerklank. Een zekere Geesje van der Haar, die in Genemuiden onder zijn gehoor gezeten had, herinnerde zich jaren later hoe ds. Nentjes daar gewaardeerd werd. „Hij preekte zó ernstig en indringend, dat zelfs vijanden van Gods volk graag naar hem luisterden'''', schreef ze. Jacob Nentjes werd in 1818 op Urk geboren. Rond 1843 vertrok hij naar ds. W. A. Kok om bij hem een opleiding voor predikant te gaan volgen. De studie daartoe werd bekostigd door zijn oom, burgemeester P. Nentjes, die destijds in 1836 en 1837-toen de Afscheiding op Urk gestalte begon te krijgen - op had moeten treden tegen ds. H. de Cock en hem verboden had om voor te gaan op het eiland. Later werd hij zelf lid van de gemeente die hij had helpen vervolgen, ''t Kan verkeren, zei Brederode al.

Toeloop
Het examen werd met goed gevolg afgelegd en het beroep dat de Afgescheidenen van Urk op hem uitbrachten, nam hij aan. Op 20 november 1846 werd hij bevestigd door ds. T. F. de Haan. Vele jaren zou ds. Nentjes zijn stempel op de Urker samenleving zetten. Duidelijk in zijn spreken, in zijn optreden, ook duidelijk in zijn voorkomen want hij droeg het oude ambtsgewaad: de driekante steek, de bef, de kniebroek en schoenen met gespen. Niet zomaar, want, zo luidt het in de notulen, ,,een leeraar der Christelijk Afgescheiden Gereformeerde kerk behoort zich te allen tijde te onderscheiden". ,,Ds. Nentjes heeft de gemeente te Urk gevormd", zo merkte in 1911 ds. G. H. A. v.d. Vegte op en dat is niet te veel gezegd. Het gebouwtje waarin de gemeente samenkwam, preekte hij al spoedig zo vol dat het de toehoorders niet meer kon bevatten. In de notulen klaagde hij erover,,dat het kerkhuis het getal der hoorderen niet konde omvatten en de gedrongenheid en daaruit vloeiende lichaamskwellingen bij eiken kerkreize de sterke begeerte naar een ruim kerkgebouw deed vermeerderen". En het gebouw kwam. Op 2 september 1851 legde men de eerste steen; 14 november 1851 werd het gebouw in gebruik genomen en dat terwijl de verf nog niet eens droog was. . .

Boeiend
Tot 1859 duurde zijn eerste periode op Urk. Toen nam hij een beroep aan naar de gemeente Harlingen. Heeft hij van daaruit naar Urk terug veriangd? We krijgen de indruk van wel. Maar ook zijn eerste gemeente kon hem niet gemakkelijk vergeten. In de drie jaar dat hij afwezig was, bracht men maar liefst vier beroepen op hem uit. Het laatste nam hij in 1862 aan. Hij preekte afscheid van Harlingen met als tekst Hos. 2 : 6: ,,Ikzal henengaan,en keren weder tot mijn vorigen Man, want toen was mij beter dan nu". De toeloop had door zijn afwezigheid niet geleden. Weer moest de kerk vergroot worden. In 1867 vond de tweede verbouwing plaats. Ja, ds. Nentjes wist de hoorders te boeien. En niet alleen in zijn eigen gemeente, ook in andere was dat opgevallen. Het regende beroepen. Ds. H. J. Budding, die bizarre, merkwaardige predikant die van 1844 tot 1848 in Groningen stond, beval hem bij zijn vertrek aan de gemeente aan: ,,Datiku gezegd heb bij u zijnde, omtrent de Wel Eerw. NentjesvanUrk, daar blijf ik bij. Hij is de beste die ik voor de gemeente te Groningen weet". Ze beriepen hem maar hij bedankte. Tijdens Nentjes'' tweede periode op Urk was het niet anders: er waren kerkeraadsvergaderingen waarop hij vier of vijf beroepen ter sprake bracht. De kerkeraad vond dit toch wel iets te veel van het goede en besloot dat een gemeente die haar herder en leraar wilde laten preken eerst ƒ 8,- in de armenkas moest storten. Of het gebeurde? We lezen er niet van.

Hindernis
Op synodes was hij regelmatig afgevaardigd en verschillende zaken heeft hij moeten behandelen. Hem werd onder andere opgedragen bij ds. Ledeboer te informeren waarom die zich afzijdig hield van de gemeenten. Diens standpunt heeft ds. Nentjes toch aangesproken. Net zoals dat van de Kruisgezinden trouwens. Op de synode van 1857 te Leiden bracht hij naar voren dat velen zich niet met de Afgescheidenen verenigden omdat „de bekomene vrijheid van Godsdienst en erkenning der gemeenten door de Burgerlijke regering eene hindernis of slagboom is". Persoonlijke omgang met hen „die behooren onder Ds. Ledeboer, Hoksbergen, onder het Kruis, en die nog behooren onder het Hervormd Kerkgenootschap'''' hadden hem die overtuiging geschonken. Nentjes heeft de signalen van hen die de wereldlijke overheid de macht in de kerk ontzegden onderkend en gewaardeerd, want hij stelde voor al de stukken die bij de bewuste vrijheidsaanvragen toegezonden waren, terug te sturen en de koning mee te delen dat de gemeente door de vrij heidsprocedure in haar rechten gekwetst was. Het zou onder,, den zegen des Heeren krachtig tot eene gewenschte vereeniging en eenheid kunnen meewerken". Het voorstel haalde het niet. Jammer. Het tekent wel zijn verlangen naar kerkelijke eenheid. Een verlangen dat misschien op Urk niet de aandacht gekregen heeft die het verdiende want ,,zijn kerk" is nog vele malen geplitst. Nentjes'' afgescheiden kerk is niet de laatste afgescheiden kerk geweest. Zeer veel kerkverbanden zijn op zijn geboortegrond vertegenwoordigd. Voor men die verscheidenheid laakt, moet men wel bedenken dat de kerken goed bezocht worden. Er is niet alleen een groot aantal kerken, ook een groot aantal kerkgangers.

Kanselbijbel
Het vele werk dat ds. Nentjes moest doen en de reizen die hij maakte hebben zijn gezondheid aangetast. In 1866 vroeg hij voor het eerst in zijn loopbaan twee weken vakantie aan zijn kerkeraad omdat hij overwerkt was. Ze werden hem toegezegd. Op 20 november 1871 mocht hij zijn 25jarige Evangeliebediening nog herdenken naar aanleiding van Hand. 26: 22. Bij deze plechtigheid schonk hij zijn gemeente een nieuwe kanselbijbel. Met eigen hand schreef hij voorin: ,,Den 21ste October 1872 is hij op den preekstoel gelegd met de hartelijke bede dat de gemeente tot een lengte van dagen uit hunnen heiligen inhoud onderwezen, geleerd en geweidt mag worden tot veler bekeering tot God in Christus door den Heiligen Geest, en ''s Heeren volk tot opbouwing in de Genade en kennis van Jezus Christus onzen Heere,, Want de aarde, die den regen, menigmaal op haar komende, indrinkt en bekwaam kruid voortbrengt voor degenen, door welken zij ook gebouwd wordt, die ontvangt zegen van God, maar die doornen en distelen draagt, dieisverwerpelijken nabij de vervloeking welker einde is tot verbranding". Ds. Nentjes'' gezondheid bleette wensen overlaten. Het einde liet niet lang meer op zich wachten: op 16 januari 1873 overieed de dominee van Urk.



Klik om dit boek te bestellen hier.