Posts tonen met het label Lente. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Lente. Alle posts tonen

vrijdag 23 maart 2012

In de bibliotheek van een liefhebber


In de Bibliotheek van een Liefhebber

Geleerdheid grijnst van alle kanten
Hier door een stemmig donker heen:
Ach! met de eerwaarde folianten
In perkament, als achtbre tanten,
Ben ik, zoo jong, niet graag alleen.

Hu! ijzegrimmige kwartijnen,
Gij staart mij zoo verschriklijk aan,
Als waar' hij erger dan profaan,
Die aan uw saaien schuifgordijnen
Zijn wuften handschoen durfde slaan.

't Is boek van onderen tot boven!
Hier groeien boeken uit den grond:
Ai help! ik voel mij zoo bestoven,
Als relden al die filozofen
Gelijk uit hun papieren mond!

Hij, die dees achtbre rijen schikte,
Bouwde eens aan Babels toren meê;
Hier hebt gij de oudheid, stof op sneê!
En - hoe ik van de titlen schrikte -
Verwarring is hier 't groot idee.

Ik zou vergeefs mijn vrienden zoeken,
Ik heb geen moed en geen pleizier;
Het is of gij uit alle hoeken
Mij toebromt, o pedante boeken:
‘Gij zijt geen boek, wat doet gij hier?’

Hoor! De oude grenen kasten kraken,
De meester komt..... het vunze stof
Dampt naar de zoldring duf en dof!
Ik mag mij uit de voeten maken,
Ik voel een bitsen schouderklop,
Ik zie twee opgesperde kaken.....
De boekeneter eet mij op!

1849

Gedicht door P.A. de Genestet (1829-1861), een vrijzinnig-protestants predikant die soms rake zetten kon doen. Veel oude mensen konden zijn gedichtjes uit het hoofd.


Al eerder heb ik iets van hem op deze blog geplaatst. Ook dat was eind maart, en wel in 2011. Ik wist het niet meer, maar blijkbaar doen de eerste lentedagen me aan hem denken....

maandag 28 maart 2011

Lente!


Het is weer bijna april. De dagen worden weer langer, vooral ’s avonds is dat goed te merken. De donkere dagen liggen voorgoed achter ons. Hoewel, aprilletje zoet…..
De Génestet, in zijn “De Dichtwerken”, was ook aan de zon toe, gezien zijn gedicht “Boutade”:


Boutade

O land van mest en mist, van vuilen, kouden regen,
Doorsijperd stukske grond, vol killen dauw en damp,
Vol vuns, onpeilbaar slijk en ondoorwaadbre wegen,
Vol jicht en parapluies, vol kiespijn en vol kramp!

O saaie brij-moeras, o erf van overschoenen,
Van kikkers, baggerlui, schoenlappers, moddergoôn,
Van eenden, groot en klein, in allerlei fatsoenen,
Ontvang het najaarswee van uw verkouden zoon!

Uw kliemerig klimaat maakt mij het bloed in de aderen
Tot modder; ‘k heb geen lied, geen honger, vreugd nog vreê.
Trek overschoenen aan, gewijde grond der vaderen,
Gij – niet op mijn verzoek – ontwoekerd aan de zee.
(Nov. 1851)

Maar dán het voorjaar:

Mooi-Weêrslied

Een zonnestraal, een wonderstraal
Is in mijn borst gedrongen:
Mijn matte ziel herleefde weer,
Ik twijfel en ik haat niet meer
En heb mijn lied gezongen.
(…)
Hoor gij mijn dank, in ’t blij gezank,
O God der bloeiende aarde!
Die licht en geur en vroolijkheid
Mild in mijn ziele hebt verspreid,
Als in Uw lentegaarde.
(1854)


Je zou zeggen dat de boeken bij het langer worden van de dagen aan de kant gelegd worden. Toch is voor sommigen juist de zomertijd de tijd om te lezen. Met je stoel in een beschut hoekje, natje en droogje, boek erbij……..wie doet je wat? Neem ook gerust tijd voor de meer inspannende lectuur… Er is nog genoeg te koop!


Bijna april. Dat betekent dat ik a.s. vrijdag 1 april (geen gein) de gelukkige winnaar van de Give Away bekend hoop te maken. Nog een paar nachtjes slapen…

O ja, nog één dingetje. Waar blijven de verhalen?